Negen actiemomenten per koe en voerstrategie

Optimalisatie vraagt om een solide basis. Samen met uw lokale Lely Farm Management adviseur kunt u bepalen wat op uw bedrijf de aandachtspunten zijn. Dit artikel gaat over het belang van de 'negen actiemomenten per koe', de voerstrategie en het gemiddeld aantal lactatiedagen.

Management, Beweiding, T4C & InHerd, Melken

3FMSjpg.jpg

Negen actiemomenten per koe

Een solide basis in combinatie met automatisch melken vraagt om vijf basisprincipes: vrij koeverkeer, koegezondheid, toegankelijkheid van de robot, ruimte en voermanagement. Wanneer deze goed zijn georganiseerd, worden de negen actiemomenten per koe tijdens de lactatie (afbeelding 1) op de meest optimale manier bereikt. Een actiemoment kan 5 tot 45 minuten duren. Het meest optimale is om 150 minuten/koe/lactatie te besteden, wat mogelijk is wanneer alles klopt, zoals een goede routing naar de separatieruimte en behandelbox . Een neveneffect van meer en/of langere actiemomenten is een verstoring van de koppel, wat van invloed kan zijn op het bezoekgedrag van de koeien aan de melkrobot. Daarnaast is er met elke extra aanraking werk gemoeid.

Voerstrategie en het gemiddelde aantal lactatiedagen

Een goed (gemengd) basisrantsoen is belangrijk. Als vuistregel geldt een basisrantsoen die energie en eiwit bevat voor de gemiddelde productie per koe minus 7 kg. Het aanvullende krachtvoer wat daarnaast nog nodig is per koe wordt in de melkrobot of het voerstation verstrekt. Dit stimuleert koeien om uit zichzelf naar de robot te gaan en voorkomt te veel ophaal koeien. In dit verband is het gemiddelde aantal lactatiedagen ook van belang. In afbeelding 2 worden twee koppels koeien met gemiddeld 160 en 190 lactatiedagen met bijna dezelfde piekproductie met elkaar vergeleken. Als deze koppels hetzelfde rantsoen krijgen, zien we dat er in de koppel met gemiddeld 190 lactatiedagen meer koeien moeten worden opgehaald. De koeien die meer lactatiedagen hebben, lopen het risico te vet te worden en moeten mogelijk worden opgehaald, wat meer werk betekent.


Afbeelding 2. Vergelijking van twee koppels met gemiddeld 160 en 190 lactatiedagen. Er is een vergelijkbaar niveau van piekproductie. De stippellijnen vertegenwoordigen het energieniveau dat aan het voerhek wordt gegeven. Wanneer we richting het einde van de lactatie kijken, zien we dat bij het bedrijf met gemiddeld 190 lactatiedagen 37% van de koeien onder de energiebehoefte zit die aan het voerhek wordt gegeven (groene lijn): koeien die geen behoefte hebben om de robot te bezoeken. Hierdoor is mogelijk meer arbeidnodig. Dit is 22% hoger dan bij het bedrijf met gemiddeld 160 lactatiedagen. 



Conclusie

Om de volgende stap in het optimalsatie process te kunnen maken is het van belang om goed inzicht te hebben in de koe handelingen (actie momenten), de voerstrategie en het bezoek gedrag van de koeien in relatie tot de voerstrategie. Uw Farm Management Adviseur kan u helpen en begeleiden bij het maken van de juiste keuzes voor de langere termijn.

Lees ook deze tips 

Top